DZ/CWZ/CZE/EZ/MMC

Keratoconus lenzen

Inhoudsopgave:

Wat is een keratoconus
Keratoconus is een afwijking aan het hoornvlies, waarbij het hoornvlies geen ronde vorm heeft maar een kegelvorm.  

Deze kegelvorm zorgt voor verstrooiing van de lichtstralen die in het oog vallen. Hierdoor valt geen scherp beeld maar een vervormd en onscherp beeld in het oog. Een uitgebreide folder en animatie-film over keratoconus vindt u elders op de website www.oogartsen.nl → zie folder keratoconus.

Keratoconus is een progressieve aandoening die zich langzaam ontwikkelt. De oogafwijking begint meestal in de puberteit en ontwikkelt zich langzaam in 10 tot 20 jaar. In die periode zal het oog dus veranderen qua vorm en sterkte. Sommige mensen hebben naast het slechte zien andere klachten zoals het zien van lichtstrepen rond lichtbronnen en lichtgevoeligheid.

Deze tekst en indeling is mede tot stand gekomen door J. van Blitterswijk en C. Kunnen van firma LENS (Deventer).

Correctie mogelijkheden bij een keratoconus

1. Bril of zachte lens
In het prille begin van keratoconus kan de oogafwijking nog gecorrigeerd worden met een bril of zachte contactlenzen. In een verder stadium zal het beeld zo vervormen dat de oogfout niet goed gecorrigeerd kan worden met een bril. Dan kan een zachte lens worden geprobeerd. Maar in veel gevallen zal al snel overgegaan moeten worden naar een lens die het onregelmatige hoornvlies beter corrigeert.

2. Zachte keratoconus lens
Een zachte keratoconus lens is een vrije dikke zachte lens, die door haar vorm de onregelmatigheden van het hoornvlies kan corrigeren.
Het grote voordeel van deze speciaal voor keratoconus gemaakte contactlens is dat het iets comfortabeler is dan een vormstabiele contactlens. Het nadeel is dat deze lens vrij dik is en daardoor juist ook weer comfort problemen kan veroorzaken. Bij beginnende keratoconussen kan deze lens een goede oplossing zijn, maar als er in een gevorderd stadium meer onregelmatigheden in het hoornvlies ontstaan is het moeilijk deze goed te corrigeren met een zachte keratoconus lens. In deze gevallen kan er beter overgestapt worden naar een andere lens.

3. Vormstabiele lenzen ("harde zuurstof doorlatende lenzen of RPG lenzen")
Deze lenzen zijn zeer geschikt om de oogfout, ontstaan door onregelmatigheden in het hoornvlies, zoals bij keratoconus, te corrigeren. Vaak wordt met vormstabiele contactlenzen (RGP lenzen) een goede gezichtsscherpte bereikt, terwijl dit met een bril of standaard zachte lens niet meer mogelijk is. Dit komt omdat de vormstabiele contactlens het optisch vlak herstelt. De lens bedekt het onregelmatige hoornvlies zodat er weer een regelmatig voorvlak ontstaat doordat de ruimte tussen de lens en het oog wordt opgevuld met traanvocht. Het resultaat is een scherp beeld in het oog omdat de invallende lichtstralen weer naar één punt worden gebroken.

Als de keratoconus toeneemt kan de passing van de contactlens minder worden. Dit komt vaak doordat de onderzijde van de contactlens dan iets gaat afstaan en/of er decentratie van de contactlens optreedt. Het is dan raadzaam om over te stappen op speciale keratoconus vormstabiele lenzen.

4. Keratoconus vormstabiele lenzen
Bij een nog grotere keratoconus is het soms mogelijk om, indien aanpassen van de standaard lens niet meer lukt, de afwijking te corrigeren met speciale keratoconus lenzen. Dit zijn specifieke RPG-lenzen met een andere kromming en grootte, speciaal ontworpen voor een keratoconus.
Een keratoconus vormstabiele contactlens is een lens die in één kwadrant een andere kromming heeft. Een keratoconus bevindt zich vaak iets onderin het hoornvlies. De lens is zo gemaakt dat één kwadrant van de contactlens steiler is, deze zal zo draaien dat het precies op het steilste gedeelte (de conus) van het hoornvlies valt, vaak is dit aan de onderzijde. De lens zal daardoor mooier aansluiten op het oog en door deze betere passing comfortabeler aanvoelen.

5. ‘Piggy-back' systeem
Een ‘piggy-back' systeem is een zachte contactlens met hierover heen een vormstabiele contactlens. Dit ‘piggy-back' systeem is een hele goede optie als er comfort klachten zijn met vormstabiele contactlenzen, maar ook als er littekenweefsel ontstaat. Door de zachte lens schuurt de vormstabiele lens minder op de top van de conus. Het nadeel van deze lenzen is dat patiënten twee keer zoveel lenzen nodig hebben. Het voordeel is dat men meestal  minder last van stofjes en vuiltjes heeft. Dit werd in het verleden veel toegepast, maar sinds er hybride lenzen op de markt zijn, verdwijnt dit systeem steeds meer uit beeld.

De meeste keratoconus patiënten hebben last hebben van allergieën en jeukende ogen. Hierdoor kan er contactlens-intolerantie ontstaan. Een verminderde gezichtscherpte, slechte passing en comfort klachten van de patiënt met vormstabiele of zachte keratoconus lenzen zijn een reden om op hybride of sclerale contactlenzen over te stappen. Ook bij tekenen van littekenvorming op het hoornvlies zijn hybride en sclerale lenzen een goed alternatief. Als er littekenvorming op het hoornvlies ontstaat, komt dit meestal doordat de huidige contactlens te hard op de conus drukt waardoor er kleine beschadigingen ontstaan. Deze beschadigingen leiden tot littekenvorming. Het topje van de conus wordt minder doorzichtig, dit kan dan resulteren in een lagere gezichtsscherpte. Om progressie van dit proces te stoppen, wordt er dan een hybride of sclerale lens geadviseerd.

6. Hybride lenzen (harde kern, zachte rand)
Een hybride contactlens is een harde contactlens met een zachte rand. Hierdoor corrigeert het als een harde lens, maar voelt het aan als een zachte lens. Het grote voordeel is het comfort van de lens, deze lens voelt veel prettiger aan dan een keratoconus vormstabiele lens. Ook zal de patiënt minder stofjes en vuiltjes achter de lens ervaren, omdat deze lens als een zachte lens aanvoelt. Een hybride contactlens rust op het oogwit en de rand van het hoornvlies, waardoor het als ware een parapluutje vormt over het onregelmatige hoornvlies en er veel minder druk op de top van de conus komt te staan. Hierdoor is er veel minder kans op littekenvorming.

hybride lens�hybride lens
Er vindt doorspoeling van de traanlaag onder de contactlens plaats d.m.v. een pompwerking. Tijdens het knipperen ontstaat deze pompwerking, onder het harde gedeelte van de contactlens zit een kleine opeenhoping van traanfilm die door het pompen ververst wordt.
De lens is 14.5 mm groot en ziet eruit als een zachte lens met in het midden een hard gedeelte.

7. Sclerale lenzen
Een sclerale lens is een stuk groter dan een vormstabiele lens. Een sclerale contactlens is een grote harde contactlens. Deze is circa 20 mm groot. De contactlens rust op het oogwit, waardoor er net als bij de hybride lens een parapluutje wordt gevormd over het hoornvlies en er veel minder druk op de top van de conus komt te staan. Doordat de lens enkel alleen contact maakt met het relatief ongevoelige deel van het oog, de sclera (oogwit), wordt deze lens als zeer comfortabel ervaren. Een ander voordeel is dat er minder snel stofjes en vuiltjes onder de contactlens kunnen komen. Sclerale lenzen zijn gemaakt van een hoog zuurstofdoorlaatbaar materiaal dat het hoornvlies in staat stelt om a.h.w. door de lens heen te ademen. Vaak moet de contactlens na een paar uur wel even uitgehaald, schoongemaakt en opnieuw ingezet worden. Dit komt omdat er minder doorspoeling onder de  lens plaatsvindt.

sclera lens (pijl= rand van de lens)

De aanmeting van contactlenzen is moeilijker vanwege de afwijkende vorm van het oog. Daarnaast zullen de lenzen vaker moeten worden veranderd in verband met de verandering van het oog. Niet elke opticien of contactlensspecialist kan deze lens opmeten; vraag aan uw oogarts om advies.


Sclerale / minisclerale lenzen (Firma LENS)

8. Mini-sclerale lenzen
De miniscleraal is een nieuwe contactlens. Zoals de naam al doet vermoeden, is het een lens die op dezelfde manier werkzaam is als een sclerale lens, maar dan iets kleiner is. De lens is circa 15-17 mm groot en ligt net zoals een sclerale en hybride lens als een parapluutje over het onregelmatige hoornvlies heen. Het inzetten en uithalen van een minisclerale lens is iets gemakkelijker dan een sclerale contactlens en is prima te gebruiken voor milde keratoconussen. In een vergevorderd stadium kan beter worden overgestapt op een sclerale lens, omdat deze een grotere brug over het hoornvlies kan maken. De voordelen van een minisclerale lens zijn ook dat de patiënt minder last van stofjes en vuiltjes heeft en dat er door de mooie passing minder snel littekenvorming ontstaat.

Uit recent onderzoek blijkt dat er bij keratoconus significant meer de aberraties (lichtverstrooiing) aan de achterkant van het hoornvlies aanwezig dan bij normale hoornvliezen. Deze achterzijde aberraties compenseren de aberraties aan de voorzijde van het hoornvlies: volgens recent onderzoek wordt gemiddeld 22% van alle aberraties aan de voorzijde bij ogen met gevorderde keratoconus gecompenseerd door de aberraties van de achterkant (bij gemiddelde en beginnende keratoconus was dit respectievelijk 24% en 14%). Omdat vormstabiele lenzen alleen de aberraties aan de voorzijde van het hoornvlies corrigeren, blijft er een rest-aberratie over die de visuele waarneming nadelig beïnvloedt. Dit verklaart de soms slechte visuele uitkomst bij keratoconus vormstabiele contactlenzen, ook al is de passing perfect. In deze meestal uitzonderlijke gevallen kan het dus zo zijn dat een zachte lens of een bril beter corrigeert dan een zoals verwachte vormstabiele, sclerale of hybride lens.

9. Hoornvlies transplantatie
In ongeveer 20% van de gevallen kan de oogafwijking uiteindelijk niet meer gecorrigeerd worden met bril of contactlenzen en is een hoornvliestransplantatie nodig. Meer hierover kunt u lezen in een speciale folder over hoornvliestransplantaties.

De ogen moeten halfjaarlijks of jaarlijks door een contactlensspecialist of optometrist gecontroleerd worden. Zo kan eventuele achteruitgang vastgelegd worden en indien nodig nieuwe contactlenzen worden aangemeten.



Deze folder is eigendom van www.oogartsen.nl, afkomstig van het Deventer ziekenhuis, CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth-TweeSteden ziekenhuis (Tilburg), HAGA ziekenhuis (Den Haag), Albert Schweitzer (Dordrecht), Rijnstate (Arnhem), Alrijne ziekenhuis (Leiderdorp, Leiden), Gelre ziekenhuizen (Apeldoorn, Zutphen);  copyright. Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).

print deze pagina
 
ga naar boven