Terson syndroom, zonlicht / valsalva / bestralings-retinopathie
Inhoudsopgave:deze folder is primair bedoeld voor co-assistenten en (para)medici
- Terson syndroom (netvliesafwijkingen na hersenbloeding)
- Valsalva retinopathie (netvliesafwijkingen bij niezen, persen, braken, tillen)
- Zonlicht-retinopathie (netvliesafwijkingen door zonlicht)
- Bestralings-retinopathie (netvliesafwijkingen na bestralingen)
Terson syndroom (netvliesafwijking na hersenbloeding)
Het Terson syndroom komt voor bij patiëenten die een hersenbloeding hebben doorgemaakt (een subchoroidale bloeding, een subdurale bloeding of een aneurysma). Ongeveer 12.5% - 40% van deze patiënten krijgt een bloeding in het oog. De bloeding kan zich op diverse niveau's bevinden, bijv. een bloeding in of achter het glasvocht, in het netvlies (in het gehele netvlies of onder de ILM) of onder het netvlies.
Hoewel het mechanisme onbekend is, vermoedt men dat een acute drukverhoging in de hersenen leidt tot een acute toename van de bloeddruk in de aders van het oog. Dit treedt dan ook in het oog op waardoor scheurtjes kunnen optreden in de bloedvaten van het netvlies. Terson kan op elke leeftijd optreden maar wordt het meest gezien tussen het 30e en 50e jaar.
De volgende complicaties bij een Terson syndroom kunnen optreden: een daling van het gezichtsvermogen, een macula-gat, een macula-pucker, netvliesplooien, proliferatieve vitreoretinopathie en een netvliesloslating.
Soms is een glasvochtoperatie nodig om de bloeding in het oog te verwijderen. Enige tijd kan men afwachten om spontaan herstel af te wachten.
Valsalva retinopathie
(bloeding na drukverhoging zoals persen, braken, hoesten)
Een plotseling toename van de druk in de borstkas of de buik (bij hoesten, niezen, persen, braken, gewicht heffen) kan leiden tot een toename van de bloeddruk van de aders in het oog. Hierdoor kunnen de kleine oppervlakkige bloedvaatjes in het netvlies knappen. De bloedinkjes zitten meestal oppervlakkig in het netvlies; soms treedt een bloeding in het glasvocht of onder het netvlies op. De bloeding lost meestal in de loop van enkele maanden spontaan op. De prognose is o.h.a. gunstig.
Lichtschade: zonlicht-retinopathie
(netvliesafwijkingen door zonlicht)
Dit is een netvliesafwijking die ontstaat als men naar een zoneclips (verduistering) of direct in de zon kijkt zonder dat daarbij een eclipsbril of zonnebril gedragen wordt. De klachten bestaan uit: het zien van een zwarte vlek in het centrum (centraal scotoom), verandering van de kleuren (dyschromatopsie), beeldvervorming (metamorfopsie), hoofdpijn of pijn rondom de ogen en een vermindering van het gezichtsvermogen.
Door het felle licht treedt schade op in het netvlies (retinopathie genoemd), zowel gebaseerd op fotochemische als thermische schade. Het zonlicht wordt geresorbeerd door de melanosomen van de pigmentlaag (RPE-laag). Hierdoor treedt schade op van de RPE-laag (atrofie), vaak binnen enkele dagen, waarna langzaam herstel plaatsvindt. Na de veranderingen van de RPE-laag vindt er schade plaats van de fotoreceptor-laag (kegeltjes). Deze schade kan zich echter niet herstellen. Het gezichtsvermogen ligt vaak tussen de 20-70%. Deze schade in de gele vlek (foveale atrofie) is zichtbaar op de OCT (netvliesscan, zie figuur). De binnenste reflectieve laag, hetgeen de overgang van de binnenste en buitenste segmenten van de fotoreceptoren weergeeft, is onderbroken. Bij oogonderzoek ziet men aanvankelijk (binnen enkele dagen) een geel-witte spot in het centrum (fovea) met pigmentveranderingen eromheen (corresponderend met de omtrek van de zon). Hierna ontstaat een rood-achtige spot die scherp begrensd is.
FR = fotoreceptor laag (kegeltjes)
RPE = retinapigment epitheel
Een (gedeeltelijk) herstel is mogelijk binnen 3 - 6 maanden. Een behandeling is niet mogelijk, preventie is derhalve het belangrijkste.
Phototoxiciteit (lichtschade) kan ook optreden bij oogheelkundig instrumentarium, bijv. een operatiemicroscoop of speciale lichtbronnen die tijdens inwendige oogoperaties worden gebruikt.
Bestralingsretinopathie (irradiatie retinopathie):
netvliesafwijkingen tgv bestraling
Als het oog wordt blootgesteld aan een hoge dosis bestraling, kan er schade optreden van de bloedvaten in het netvlies (retinopathie). Het oog kan betrokken zijn in het bestralingsgebied. Deze afwijkingen treden geleidelijk aan op en nemen vaak in de loop van de tijd toe (ze treden meestal binnen de 4 maanden tot 3 jaar na de behandeling op).
De netvliesafwijkingen worden veroorzaakt door bloedvatafwijkingen en kunnen bestaan uit bloedingen, infarctjes en lekkage van bloedbestanddelen (harde exsudaten). De afwijkingen zijn vergelijkbaar met die van suikerziekte.
Er kunnen ook andere oogafwijkingen ontstaan, bijv. staarvorming.
Soms treedt een acute oogzenuwafwijking op (optische neuropathie met bleekheid van de oogzenuw).
links: een normale fundus (binnenbekleding van het oog)
rechts: afwijkende fundus na bestraling van een gezwel in de kaakholte: een bleke oogzenuw, bloedinkjes en harde (gelige) exsudaten (lekkage van vetten)

Soms moet het netvlies worden behandeld met lasertherapie.
Deze folder is afkomstig van www.oogartsen.nl (Deventer ziekenhuis); een samenwerkingsverband tussen het Deventer ziekenhuis (Deventer), CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth ziekenhuis (Tilburg), Maxima Med. Centrum (Veldhoven) en HAGA ziekenhuis (Den Haag), copyright.
Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).





