DZ/CWZ/CZE/EZ/MMC

Overige informatie hoornvlies

Inhoudsopgave:

Deze subfolders bevatten minder frequent voorkomende oogaandoeningen


Alvorens in te gaan op de gezwellen wordt eerst de bouw van het slijmvlies besproken

Bouw van het slijmvlies (conjunctiva)
De conjunctiva is de slijmvliesbekleding van de oogleden en de oogbol:

De ruimte tussen de bovenste en onderste oogleden en de oogbol heet de "conjunctivaalzak (fornix)". Deze fornix is de omslagplooi. Er is een bovenste omslagplooi (fornix superior) en een onderste omslagplooi (fornix inferior).
De slijmvliesplooi in de binnenste ooghoek, waar de 2 traanpunten bijeenkomen, wordt de plica semilunaris genoemd. 
    
cb = conjunctiva bulbi
cp = conjunctiva palpebralis
fornix = omslagplooi (inferior: onderste plooi)

Gezwellen van het slijmvlies (tumoren conjunctiva)

Het slijmvlies van het oog kunnen gezwellen bevatten. Deze gezwellen (tumoren) kunnen goedaardig of kwaadaardig zijn. Hierbij volgt een globale indeling:

Goedaardige conjunctivale gezwellen (tumoren)

Naevus of nevus (moedervlek)
Een nevus op het slijmvlies wordt een "conjunctivale nevus" genoemd. Een nevus is vaak bruin door het pigment. Van alle conjunctivale gezwellen (zowel gepigmenteerd als niet-gepigmenteerd) is ongeveer 28% een conjunctivale nevus. Van alle gepigmenteerde gezwellen van het slijmvlies (melanocytische conjunctivale gezwellen) is ongeveer 52% een conjunctivale nevus. De nevus is dus een veel voorkomende vorm. Bij kinderen komt een conjunctivale nevus relatief vaker voor: 64% van de conjunctivale gezwellen bij kinderen blijkt een nevus te zijn.

 Een nevus hoeft niet per definitie gepigmenteerd te zijn: uit een onderzoek bleek dat 51% gepigmenteerd was, 28% deels gepigmenteerd was en dat 21% amelonocytisch was. Het eerste oogartsenbezoek vindt vaak rond de 30-33 jaar plaats (terwijl de afwijking dan al zo'n 10 jaar bestaat).  

Een naevus komt vaker voor in de blanke bevolking. Eem naevus is een welomschreven, vlakke of iets verheven zwelling, meestal gepigmenteerd.

Typische klinische kenmerken van een conjunctivale nevus zijn: aanvang tijdens de kinderleeftijd, pigmentatie (± 80%), gelocaliseerd dichtbij de overgang van het slijmvlies naar het hoornvlies (< 1 mm van de limbus aan de neus- en buitenzijde, 90%) en de aanwezigheid van cysten in het gezwel (60-65%). Deze cysten zijn vaak een gunstig teken (het komt immers zelden voor gezwellen die lijken op een nevus, zoals een raciale melanosis, een primair verworven melanosis of een kwaadaardige melanoom) [Ophthalmology 2011; 915].

Een naevus wordt in de volgende volgorde waargenomen: het wordt het vaakst gezien op

De naevus komt het vaakst voor in de buurt van limbus (de overgang van het hoornvlies en het slijmvlies). Rond de puberteit kan de naevus groeien en meer gepigmenteerd raken.
Groei van het gezwel komt zelden voor (<5%) en daarom kan men vaak afwachten. Soms kan er een overgang plaatsvinden van een goedaardig naar een kwaadaardig gezwel. Verdachte kenmerken van de naevus zijn oa een uitbreiding op het hoornvlies, een plotselinge groei en pigmentatie, een toename van nieuwe bloedvaatjes en als het op een ongebruikelijkere plaats groeit (bijv. in de omslagplooi van het slijmvlies onder de oogleden (fornix).

Soms wordt besloten om een gezwel te verwijderen om de volgende redenen:

Conjunctivale papilloom (squameus papilloom)
Een papilloom (wratachtig) kan in een gesteelde of een vlakke variant voorkomen. Een gesteeld papilloom wordt veroorzaakt door een infectie met het humane papillomavirus en kan op elke leeftijd voorkomen. Een vlak papilloom is niet infectieus en komt meestal voor op middelbare leeftijd. Het is vaak eenzijdig en komt vaker voor op de bulbaire conjunctiva.

Kwaadaardige conjunctivale tumoren

Conjunctiva melanoom
De meest voorkomende kwaadaardige tumor is een melanoom. De aandoening komt overigens zelden voor en omvat omgeveer 2% van alle kwaadaardige oogtumoren. Een melanoom kan op verschillende manieren ontstaan: 

De tumor komt het vaakst voor op de bulbaire conjunctiva, ter hoogte van de overgang van het slijmvlies naar het hoornvlies (limbus). Naar de tumor kunnen bloedvaatjes lopen. De zwelling is meestal gepigmenteerd en donker van kleur (gepigmenteerd melanoom) maar soms is de tumor niet gepigmenteerd en bleek van kleur (amelanocytisch melanoom).
De behandeling kan bestaan uit het verwijderen van de tumor met aanvullend evt een koude behandeling of bestraling. Uitzaaiingen kunnen voorkomen.

Lymfoproliferatieve tumoren
Deze tumoren gaan uit van lymfocyten (afweercellen) en kunnen goedaardig (benigne reactieve lymfoide hyperplasie) of kwaadaardig (maligne lymfoom) zijn. Ze zijn vaak roze van kleur en relatief vlak met een glad oppervlak. De tumor komt het vaakst voor in de omslagplooi (fornix). De meeste conjunctivale lymfomen gaan niet gepaard met een lichamelijke variant.

Acute corneale hydrops
Een plotseling zwelling van het hoornvlies (acute corneale hydrops) kan ontstaan bij ongeveer 3% van de keratoconus-patiënten. Het treedt op na overmatige oprekken van de DM waardoor een scheurtje ontstaat. De randen van de afgescheurde DM (breuklijn) rollen op. Dit leidt tot verlies van de endotheelcel barriere (dit is het binnenste laagje van het netvlies dat over de DM heen ligt). Hierdoor sijpelt kamerwater (vocht tussen het hoornvlies en het regenboogvlies) door de breuk in het stroma (het middelste deel van het hoornvlies) waardoor het hoornvlies dik wordt (cornea oedeem). De collageenvezels in het stroma wijken door het vocht waardoor soms met vocht gevulde holten  (cysten) en waterspleten ontstaan. Dit wordt een acute hydrops (watervulling) genoemd. Dit leidt tot minder zien en tot littekenvorming in het hoornvlies.

De DM-scheurtjes zijn klein (varierend van 1.74 ± 0.77 um). Het normale hoornvlies heeft een dikte van ongeveer 525 um, bij een hydrops kan dit oplopen tot wel 1000 - 2500 um [Ophthalmology 2011; 2166]. Hoe groter de scheur is des te groter.

Het kan 3 - 6 maanden duren voordat de hydrops zich spontaan hersteld is. De behandelingen kunnen bestaan uit een oogverband, een bandage contactlens (verbandlens), oogdruppels (cycloplegie, hypertonische zoutoplossing) of injecteren van gas in de voorste oogkamer.
Bij een gasinjectie (bv 0.15 ml 15% C3F8 gas) ontvouwt de DM zich en wordt tegen zijn onderlaag aangeduwd. Hierdoor neemt de lekkage af en wordt het vocht in het hoornvlies minder. Na 3 maanden is het hoornvlies dan meestal weer aanzienlijk helderder.



Deze folder is afkomstig van www.oogartsen.nl  (Deventer ziekenhuis); een samenwerkingsverband tussen het Deventer ziekenhuis (Deventer), CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth ziekenhuis (Tilburg), Maxima Med. Centrum (Veldhoven) en HAGA ziekenhuis (Den Haag), copyright.
Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).

print deze pagina
 
ga naar boven