DZ/CWZ/CZE/EZ/MMC

Episcleritis en scleritis

Inhoudsopgave:
  1. Algemeen: wat zijn de episclera en de sclera?
  2. Episcleritis
    • wat is een episcleritis?
    • oorzaak en indeling van een episcleritis
    • behandeling van een episcleritis
  3. Scleritis
    • wat is een scleritis?
    • oorzaak van scleritis
    • indeling van scleritis
    • behandeling van een scleritis

Algemeen: wat zijn de episclera en de sclera?

Het vooraanzicht van het oog bestaat uit:

Een ontsteking van de oppervlakkige weefsellaag, de conjunctiva, wordt een conjunctivitis (slijmvliesontsteking) genoemd (zie www.oogartsen.nl, folder conjunctivitis). In deze folder wordt de ontsteking van het witte deel van het oog besproken, namelijk van de 2e laag (episclera) en de 3e laag (sclera).   

Episcleritis

Wat is een episcleritis?
Episcleritis is een acute, relatief milde ontsteking van de episclera, het oppervlakkige bindweefsel liggend op de sclera (harde oogrok). Het is een onschuldige, maar vaak terugkerende ontsteking. Bij onderzoek van het oog ziet men een sectorvormige roodheid, vaak grenzend aan het hoornvlies. Het aangedane slijmvlies is gezwollen.

Er zijn vaak geen of slechts milde klachten van gelocaliseerde roodheid, gevoeligheid, irritatie, zandkorrel gevoel en tranen. Het gezichtsvermogen is zelden aangedaan. De aandoening komt het meest voor op jonge leeftijd (tussen de 20-50 jaar).
Bij ongeveer 30-40% van de patiënten treedt de aandoening in beide ogen op, afwisselend of tegelijkertijd. In de praktijk komt episcleritis vaker voor dan scleritis. 

diffuse episcleritis      nodulaire episcleritis 

Overige oogheelkundige afwijkingen
Bij de episcleritis kunnen soms ook oogheelkundige complicaties of afwijkingen optreden maar dit komt weinig voor. Voorbeelden zijn: minder zien (zelden), een inwendige oogontsteking [uveitis] (soms) of een hoge oogdruk (zelden). Meestal blijft een episcleritis een locale oogontsteking.

Indeling
De episcleritis kan worden ingedeeld in:

Oorzaak van een episcleritis
De oorzaak is vaak niet bekend. Er zijn meestal geen virussen of bacteriën betrokken bij deze ontsteking. Soms is een episcleritis geassocieerd (of gaat samen) met andere lichamelijke (systemische) aandoeningen (25-35%). Vanwege het onschuldige karakter van de episcleritis wordt hier in het algemeen geen onderzoek naar verricht, tenzij er lichamelijke klachten zijn. Eventueel voorkomende associaties zijn: bindweefselziekten en lichamelijke vasculitis (gewrichtsontstekingen), infectieuze aandoeningen (virus, bacterie, Lyme ed) en atopie (overgevoeligheid).
Voor meer informatie over de indeling en frequentie van oog- of lichamelijke verschijnselen → bijlage.

Behandeling van een episcleritis
Episcleritis gaat meestal vanzelf, zonder behandeling, over in enkele dagen tot weken. De ontsteking kan wel terugkomen (recidiveren). Bij aanhoudende klachten kan een locale behandeling met oogdruppels verlichting geven (kunsttranen, evt niet-steroide ontstekingsremmende druppels). In zeldzamere, ernstigere gevallen kunnen andere oogdruppels worden gegeven (zwakke corticosteroiden) en/of medicijnen (pijnstillers en ontstekingsremmers) in tabletvorm, om de pijn te verlichten.

Scleritis

Wat is een scleritis?
Scleritis is een zeldzamere, maar ernstigere aandoening dan de episcleritis. De harde oogwand (sclera) is aangedaan. De ontsteking gaat gepaard met een diepere roodheid van de sclera. Zowel de oppervlakkige lagen (het bindvlies en de episclera) als de diepere lagen (harde oogrok, sclera) zijn rood en gezwollen.  

Het is een ontsteking veroorzaakt door het immuun- of afweersysteem. Hoe vaak de aandoening voorkomt, is niet duidelijk.

De patiënten met een scleritis zijn gemiddeld ouder dan bij een episcleritis (meestal tussen de 40-60 jaar). Het komt meer voor bij vrouwen dan bij mannen.

De aandoening ontstaat geleidelijk aan en de pijn kan toenemen in de loop van de nacht en ochtend. De klachten kunnen bestaan uit een doffe / borende pijn (uitstralend naar het voorhoofd, de kaak, de wang, de tanden of het oor), een vermindering van het gezichtsvermogen (wazig zien, 15-23%) en minder vaak een bewegingsbeperking van het oog. De aandoening kan beiderzijds voorkomen (bij ongeveer 40% van de patiënten).

Op een echo van de oogbok is te zien dat de sclera verdikt is bij een scleritis (zie foto's):
normale echo (oogartsen.nl)     scleritis (oogartsen.nl)

Indeling van scleritis
De ontsteking bevindt zich meestal aan de voorzijde van het oog (scleritis anterior) en, in zeldzamere gevallen, aan de achterzijde van de oogbol (scleritis posterior). Het merendeel van de patiënten heeft een scleritis anterior welke veelal beperkt blijft tot het oog.

Van de scleritis anterior komen de diffuse en de nodulaire vorm het vaakst voor. De diffuse vorm is meestal milder dan de nodulaire vorm. De necrotiserende vorm en de scleritis posterior komen zelden voor.
Een milde of matige pijn en/of ontsteking komt vaker voor bij de milde vorm van scleritis (diffuse of nodulaire vorm) terwijl een ernstige pijn en/of ontsteking vaker wordt gezien bij de ernstigere vorm van scleritis (necrotiserende vorm).

Voorbeeld van een necrotiserende scleritis anterior:
het oog kijkt richting de neuskant, het hoornvlies en regenboogvlies zijn zichtbaar. De sclera (harde oogrok) is normaliter wit van kleur. In dit geval schemert het echter blauw door:

  

Overige oogheelkundige afwijkingen:
Door de scleritis kunnen soms ook andere oogcomplicaties of -afwijkingen ontstaan, zoals een hoornvlies-ontsteking, staar, inwendige oogontsteking (uveitis) of een hoge oogdruk (glaucoom). Dit treedt op in ongeveer 45% van de gevallen en dan mn bij de ernstige vormen van een scleritis (necrotiserende vorm). 

Oorzaken van scleritis
Bij scleritis speelt het eigen lichamelijke afweersysteem vaak een belangrijke rol. Het afweersysteem reageert op eigen weefsel waardoor een ontstekingsreactie ontstaat (een autoimmuun reactie). De oorzaak van scleritis wordt vaker in verband gebracht met andere lichamelijke aandoeningen (35-55%). Deze associatie treedt vaker op bij de ernstige vormen van een scleritis (necrotiserende vorm) dan bij de milde vormen (diffuse of nodulaire vorm). Voorbeelden zijn:

Voor meer informatie over de indeling en frequentie van oog- of lichamelijke verschijnselen → zie bijlage.
De scleritis posterior komt weinig voor. Ook deze scleritis is geassocieerd met lichamelijke aandoeningen (in ± 50% van de gevallen). Het kan gepaard gaan met een ontsteking van het voorste deel van het oog (inwendige oogontsteking of uveitis).

Behandeling van scleritis
De behandeling bestaat uit ontstekingsremmers. De keuze is afhankelijk van de ernst van de scleritis. De behandeling kan bestaan uit:

De milde vormen van een scleritis anterior (diffuse of nodulaire vorm) reageren meestal afdoende op NSAID's. Zo nodig wordt de behandeling extra ondersteund door corticosteroiden. Als de ontstekingscomponent in het oog erger is, kan besloten worden om al direct te starten met corticosteroiden. Indien de scleritis ook samengaat met andere lichamelijke aandoeningen (zie 'oorzaken'), zijn vaak de zwaardere geneesmiddelen nodig, met name de immunosupressiva (deze middelen behandelen dan tegelijkertijd de lichamelijke aandoening).

Nader onderzoek
Vaak vindt er ook nader onderzoek plaats door een internist of reumatoloog. Wanneer een associatie wordt gevonden met een systemische (lichamelijke) aandoening is het uiteraard van belang deze in samenwerking met de internist / reumatoloog te behandelen.



Deze folder is eigendom van www.oogartsen.nl, afkomstig van het Deventer ziekenhuis, CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth-TweeSteden ziekenhuis (Tilburg), HAGA ziekenhuis (Den Haag), Albert Schweitzer (Dordrecht), Rijnstate (Arnhem), Alrijne ziekenhuis (Leiderdorp, Leiden), Gelre ziekenhuizen (Apeldoorn, Zutphen);  copyright. Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).

print deze pagina
 
ga naar boven