DZ/CWZ/CZE/EZ/MMC

Retina: overige

Inhoudsopgave

 

Outer Retinal Turbulation [Retina 2015]
Dit is een kleine (hyporeflectieve) cyste in de buitenste retinalagen (ONL) met een hyperreflectieve rand (met al of niet hyperreflectieve spots in deze cyste, waardoor een gemengde reflectiviteit zichtbaar is). Het is een geleidelijke reorganisatie en invaginatie van de fotoreceptorlaag (met inner/outer segment junctions) en soms met ELM.
Deze cysten ontstaan in de loop van de behandeling met VEGF-remmers en hoeven niet behandeld te worden (degeneratieve cysten); dit i.t.t. de volledig hyporeflectieve retinale cysten, zonder witte rand, die vochtlekkage (en activiteit) suggereren.

Subfoveale loslating bij een idiopathische macula pucker [Pison et al, Ophth 2016; 583]
De subfoveale loslating (subfoveal detachment SD), ter hoogte van het fotoreceptor-RPE complex, kan "leeg", "gevuld" of "partieel gevuld" zijn. Het komt bij 20% van de macula puckers voor. Op de fundusfoto is herkenbaar als een gelige spot in de fovea. Er wordt gesuggereerd dat een chronische loslating door tractie van de pucker leidt tot verlenging van de outer segments van de fotoreceptoren, een accumulatie van lipofuscine-materiaal (toegenomen autofluorescentie).
In de studie (293 ogen) was de postoperatieve visus (na PPV) bij ogen met een preoperatieve SD vergelijkbaar t.o.v. ogen die geen SD hadden. Bij 68% van de ogen met SD verdween na de operatie de SD na gemiddeld 4.8 maanden (bij 62% binnen 3 mnd). In de groep ogen met een preoperatieve SD bleek dat de postoperatieve visus gelijk was tussen ogen met een persisterende SD en ogen waarbij de SD verdwenen was.  Deze studie laat zien dat een SD vaak verdwijnt en de visuele uitkomst niet beinvloedt.

 

ASSESSMENT OF THE SIGNIFICANCE OF CYSTIC CHANGES AFTER EPIRETINAL MEMBRANE SURGERY WITH INTERNAL LIMITING MEMBRANE REMOVAL Retina 2016; 727

Development of new inner nuclear layer cystic changes after epiretinal membrane surgery may be a frequent finding (6% bij enkelvoudige PPV en 25% bij combi-PPV's), but in contrast to cystoid macular edema, it does not seem to affect visual recovery and should be observed. The combination of pars plana vitrectomy with cataract extraction may increase the risk of inner nuclear layer cystic changes, but treatment is not necessary.
In summary, our results suggest that cystic changes in the INL do not seem to affect functional visual outcomes or significantly alter retinal thickness. The diagnosis of this new tomographic sign and its differentiation with cystoid macular edema must be assessed in the postoperative follow-up of patients after ERM surgery to avoid unnecessary treatment. Further studies are warranted to clarify the etiology of these histoarchitectural retinal changes and their long-term functional impact.

 



Deze folder is eigendom van www.oogartsen.nl, afkomstig van het Deventer ziekenhuis, CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth-TweeSteden ziekenhuis (Tilburg), HAGA ziekenhuis (Den Haag), Albert Schweitzer (Dordrecht), Rijnstate (Arnhem), Alrijne ziekenhuis (Leiderdorp, Leiden), Gelre ziekenhuizen (Apeldoorn, Zutphen);  copyright. Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).

print deze pagina
 
ga naar boven