DZ/CWZ/CZE/EZ/MMC

Charles Bonnet, Illusies, Hallucinatie, Visual snow, Lichtverschijnselen

Inhoudsopgave: deze folder is primair bedoeld voor co-assistenten en (para)medici

Syndroom van Charles Bonnet
Wat is het syndroom van Charles Bonnet
Slechtzienden of blinden zien soms beelden of personen die er in werkelijkheid niet zijn. Dit kan angst of onzekerheid oproepen. Indien door een slechtziende of blinde patiënt visuele sensaties worden waargenomen die er in werkelijkheid niet zijn en waarvan de patiënt zelf ook goed beseft dat dit geen reële beelden zijn, wordt er gesproken van "niet-psychotische visuele hallucinaties" of "pseudo-hallucinaties", meestal het Charles Bonnet syndroom (CBS) genoemd. Men zou in een dergelijk geval kunnen spreken van fantoombeelden naar analogie met sensaties ervaren op de plaats van een verloren geraakt ledemaat (bijv. iemand wiens been is geamputeerd, kan soms jeuk aan zijn grote teen ervaren).
Het worden ook wel 'pseudo-hallucinaties' genoemd (geen echte hallucinaties). Dit verschijnsel komt vaak voor: de hersenen gaan bij gebrek aan scherpe beelden via het oog, zélf beelden verzinnen. Vergelijk het met slechthorende mensen die voortdurend liedjes denken te horen.

Klachten
Mensen met het CBS kunnen allerlei beelden waarnemen, zoals van: personen, dieren, planten, gebouwen, voorwerpen of landschappen. Het kunnen realistische beelden of fantasiebeelden (bijv. elfjes, monsters) zijn van verschillende grootte en complexiteit. De beelden kunnen incidenteel of vaak (bijv.dagelijks) worden waargenomen. Vaak zijn de beelden scherp en helder, terwijl de patiënt een (ernstige) visuele beperking heeft.

CBS komt voor bij circa 15% van alle slechtzienden en blinden. Hiervan vormt de maculadegeneratie (MD) een belangrijke groep. Dit syndroom wordt in zeldzame gevallen ook waargenomen bij andere aandoeningen (staar, glaucoom, diabetes en optische neuropathie). Er is dus geen sprake van een psychische stoornis, maar van een afwijking in de waarneming.

Hoewel CBS relatief frequent voorkomt, zullen patiënten dit waarschijnlijk niet gemakkelijk spontaan melden aan familieleden, maar ook niet aan artsen, dat zij beelden zien die er in werkelijkheid niet zijn. Zij verzwijgen dit veelal uit angst 'voor gek te worden versleten'. De symptomen van CBS verlopen niet altijd klassiek. Zo zien patiënten lijdend aan de ziekte van Leber vaak lichtflitsen in plaats van visuele beelden.

Risico
De zwitserse filosoof Charles Bonnet schreef in 1760 voor het eerst over dit verschijnsel dat hij ontdekte bij zijn slechtziende grootvader. Dit syndroom is naar hem vernoemd.
De kans op dit syndroom is groter naarmate de leeftijd toeneemt (m.n. > 65 jaar) en de visus (het gezichtsvermogen) slechter is (m.n. < 30%). De meeste patiënten (± 73%) vertellen anderen (huisarts of oogarts) niet over deze waarnemingen. Ongeveer 75% stoort zich er niet echt aan, de overige 25% gaat hieronder psychisch gebukt.

Behandeling
Het syndroom van Charles Bonnet is onschuldig  en verdwijnt meestal als de patiënt even de ogen
sluit, of met de vinger wijst naar de zogenaamde personen die hij ziet. Het verschijnsel kan echter
ieder moment weer optreden. Voorkómen is niet mogelijk.
Er is geen behandeling voor het syndroom. Geruststelling, een luisterend oor en begrip kunnen al verlichtend werken.

Visuele fenomenen
Patiënten kunnen last hebben van visuele waarnemingen of dingen zien die niet overeenkomen met de werkelijkheid. Positieve visuele fenomenen zijn gewaarwordingen waarbij men objecten waarneemt ('positief beeld'). Deze fenomenen kunnen bestaan uit illusies en hallucinaties.

Illusies
Illusies zijn foutieve waarnemingen van visuele informatie waarbij men zich vergist in een object of voorwerp dat zich in de omgeving bevindt. Het is een onjuiste waarneming van de werkelijkheid. Het beeld dat iemand van de werkelijkheid heeft is gebaseerd op diens waarnemingen via de zintuigen en verwerking van deze signalen in de hersenen. Illusies zijn dus gebaseerd op foutieve waarnemingen van reële externe prikkels. Bijvoorbeeld een persoon kijkt naar een stilstaande rand van een object maar ontvangt een illusie van beweging. Illusies verdwijnen als het oog wordt gesloten (in tegenstelling tot hallucinaties). Illusies worden meestal veroorzaakt door oogproblemen. Ze kunnen oa voorkomen bij:

Hallucinaties
Bij hallucinaties is er sprake  van een subjectieve waarneming van een object of gebeurtenis zonder sensorische stimulus (geen sensorische input). Men ziet iets wat er niet is. Een hallucinatie verdwijnt meestal niet bij het sluiten van de ogen (in  tegenstelling tot bij illusies). Ten opzichte van illusies, worden hallucinaties minder vaak veroorzaakt door oogaandoeningen.
Dit verschijnsel kan soms worden waargenomen bij:

Andere oorzaken van illusies of hallucinaties zijn:

Verschijnselen bij aandoeningen in de hersenen (hogere corticale functies)
De visuele informatie uit het oog bereikt het hersencentrum (dit is de occipitale schors aan de achterzijde van het hoofd). In dit deel van de hersenen ontstaat feitelijk het proces van het "zien". Hier worden uiteindelijk de beelden gevormd of verwerkt die we waarnemen (de analyse van het beeld).
Voorbeelden zijn "wat men ziet" (de kleur, de vorm en het patroon) en "waar men het object ziet" (de plaats in de ruimte). In de hersenen zijn bepaalde hersengebieden onderling verbonden om het beeld goed te kunnen analyseren.
Bij bepaalde aandoeningen is het mogelijk dat bepaalde hersenschorsdelen niet goed functioneren of dat bepaalde verbindingen tussen deze hersenschorsdelen onderbroken zijn (disconnectie syndroom). De aandoeningen kunnen opgesplitst worden in:

Stoornissen in het herkennen (agnosie) van beelden/objecten:

Stoornissen in de visuele-spatiele verhoudingen:

Visual snow (het zien van sneeuw)
Visuele sneeuw is een voorbijgaand of blijvend visueel symptoom waarbij patiënten een sneeuwachtig patroon zien in het blikveld (ruis of sneeuw zoals op de televisie wordt gezien bij een storing). Dit bevindt zich in delen of in het gehele gezichtsveld. Het is beter zichtbaar op een donkere achtergrond. Het is een onbegrepen, aspecifiek symptoom zonder bekende oorzaak.
Bij een oogheelkundig, psychiatrisch en neurologisch onderzoek worden geen afwijkingen gevonden. De ernst of subjectieve beleving kan per persoon verschillen. Het kan iemands dagelijks functioneren beperken.

De volgende verschijnselen kunnen bij visual snow tevens voorkomen:

Visual snow kan worden gezien bij diverse oogheelkundige afwijkingen, zoals:

Er is geen behandeling voor dit verschijnsel. Soms kan een geneesmiddel uitgeprobeerd worden (bijv. Diamox, valproinezuur (antiepilepticum).

Fotopsieën: Lichtverschijnselen / Lichtflitsen
Fotopsie is een subjectieve lichtgewaarwording (lichtflitsen of lichtstralen), zonder uitwendige lichtprikkel, bij een aandoening van het netvlies of hersenen. De kenmerken kunnen als volgt beschreven worden: a) Vorm (lichtstrepen of flitsen, fonkelen, pulsaties, kringen, comma's, bogen, scotomen met scintillatie aan de randen), b) Kleur (wit, zilver, geel, blauw, rood, groen, violet, meerdere kleuren), c) Lateraliteit (éénzijdig of tweezijdig), d) Simultaan: indien tweezijdig: gelijktijdig of niet, e) Locatie in gezichtsveld (centraal, temporaal of buitenzijde, nasaal of neuszijde), f) Duur (< 1 sec, sec, minuten, uren etc), g) Frequentie (elk uur, dagelijks, wekelijks etc), h) Omgeving (bij lichte of donkere achtergronden), h) Stimuli die fotopsieën opwekken (hoofddraaien, oogdraaien, lezen, glucose spiegel) en i) Andere lichamelijke of oogafwijkingen (hoofdpijn, flauwvallen, duizeligheid, dubbelzien, uitval).

 



Deze folder is eigendom van www.oogartsen.nl, afkomstig van het Deventer ziekenhuis, CWZ (Nijmegen), Catharina ziekenhuis (Eindhoven), Elisabeth-TweeSteden ziekenhuis (Tilburg), HAGA ziekenhuis (Den Haag), Albert Schweitzer (Dordrecht), Rijnstate (Arnhem), Alrijne ziekenhuis (Leiderdorp, Leiden), Gelre ziekenhuizen (Apeldoorn, Zutphen);  copyright. Voor de aandachtsgebieden van oogartsen, zie aandachtsgebieden (subspecialisaties).

print deze pagina
 
ga naar boven