Vaatvlies: sclerochoroidale calcificaties, osteoom

Vaatvlies: sclerochoroidale calcificaties, osteoom

Inhhoudsopgave

  • Sclerochoroidale calcificaties
  • Choroidea osteoom (osseous choristoma)

1. Sclerochoroidale calcificaties
Voor de opbouw van het vaatvlies wordt verwezen naar desbetreffende folder.

 

Er bestaan diverse tumoren van het vaatvlies (choroidea), zoals een choroidale nevus, een choroidaal melanoom, een choroidaal lymfoom, choroidale metastasen (uitzaaiingen), sclerochoroidale calcificaties, een choroidaal osteoom en een choroidaal granuloom. Er bestaan 2 verschillende tumoren die gepaard gaan met verkalking (calcificaties), te weten een choroidaal osteoom en sclerochoroidale classificaties (SCC).

Sclerochoroidale calcificatie is een degeneratieve aandoening waarbij calcium neerslaat in de harde oogrok (sclera). Dit leidt tot een vlakke of minimale zwelling hetgeen doet denken aan een gezwel (tumor). De aandoening komt op latere leeftijd voor (patiënten zijn gemiddeld 70 jaar). De aandoening is eenzijdig bij 48% van de patiënten en is dubbelzijdig bij 52% van de patiënten.

Onderzoek
Met behulp van diverse onderzoeken zijn de kalkzwellingen zichtbaar:

– linksboven/onder: bij oogonderzoek (fundoscopie) zijn wit-gele verkleuringen aanwezig (mn in de bovenhelft)
– rechtsboven: op de OCT scan (netvliesscan) is een zwelling aanwezig in de diepere lagen
– rechtsonder: op de echo (B-scan) is de echodense hoogreflectieve structuur zwelling met een slagschaduw daarachter

sclerochoroidale calcificaties (kalkzwelling)

Locatie
Bij oogonderzoek is de zwelling zichtbaar. Uit onderzoek bleek het volgende (Retina 2015;547].

  • Gemiddeld waren 1.6 gecalcificeerde lesies per oog aanwezig (range 1-7).
  • De lesies waren unifocaal bij 71% en multifocaal bij 29% van de ogen.
  • De grootste lesie bevond zich meestal bij de retinale vasculaire arcaden of ter hoogte van de equator) (90%), meestal in het supero-temporale kwadrant (69%).
  • De lesie is vaak geel of wit van kleur (84%) met een gemiddelde diameter bij de basis van 3.6 mm (range 0.5- 9.5 mm) en een gemiddelde dikte van 1.8 mm (range 1-3.8 mm). De oppervlakte is meestal vlak of placoide (78%).
  • Op de lesie was er sprake van choroidea-atrofie (35%) of RPE-atrofie (49%). In deze studie kwamen subretinaal vocht/bloedingen, choroidale neovascularisaties of een RPE-loslating niet voor.

Bloedonderzoek
De aandoening in het oog kan op zichzelf staan (primair, idiopatisch genoemd), maar er kan ook een andere lichamelijke aandoening aan ten grondslag liggen (secundaire vorm). In 79% van de gevallen was de aandoening alleen in het oog gelocaliseerd (primaire vorm), in 21% van de gevallen was ook een andere lichamelijke aandoening aanwezig (secundaire vorm).
Bij de secundaire vorm (ofwel bij andere lichamelijke aandoeningen) moet men denken aan hyperparathyroidie (te sterk werkende bijschildkliertjes), een parathyroidie-adenoom of een nieraandoening. Bij een overmaat aan Calcium vindt opstapeling plaats in bloedvaten, nieren, longen, maagslijmvlies en in de sclera.

Uit onderzoek bleek dat bij een deel van de patiënten afwijkende bloedwaarden worden aangetroffen: Calcium (21% van de ogen), Natrium (7%), Magnesium (24%) en het Parathormoon (bijschildklier, 27%).

In tegenstelling tot een choroidaal osteoom, komt bij een SCC het volgende niet voor: geen subretinaal vocht (vocht onder het netvlies), geen groei van de lesie, geen lesie-decalcificatie, geen choroidale neovascularisatie en geen daling van de gezichtsscherpte (tijdens de follow-up van 4 jaar).
In tegenstelling tot een SCC, komt bij een choroidaal osteoom geen andere afwijkingen voor (zoals hyperparathyreoidie, parathyreoidie adenoom, Gitelman syndroom, Bartter syndroom).

2. Choroidea osteoom (osseous choristoma)
Dit is een versteende zwelling van het vaatvlies die zelden voorkomt, goedaardig is en langzaam groeit. De zwelling lijkt op “bot, kalk, een beenstructuur” waarbij het laagje erboven (RPE-blad) atrofisch wordt. De zwelling is oranje-geel van kleur met welomschreven grenzen, vaak gelegen bij de oogzenuw of in de achterpool. Op de echo is een hoog-reflectieve structuur zichtbaar met een slagschaduw daarachter (zoals bij SCC). De zwelling kan langzaam groeien in de loop van de jaren. Spontane de-calcificaties en choroidale neovascularisaties kunnen optreden.

De aandoening komt vaker bij vrouwen voor. Beide ogen kunnen aangedaan zijn, ongeveer in 25% van de gevallen (maar vaak niet tegelijkertijd aanwezig). Vaak wordt het ontdekt rond de 20-40 jaar. Als de zwelling in de buurt zit van de gele vlek, gaat het vaak gepaard met een langzaam verslechterende gezichtsscherpte.

Scroll naar top