Smartphone blindheid (tijdelijke blindheid door mobiele telefoongebruik)

Smartphone blindheid (tijdelijke blindheid door mobiele telefoongebruik)

Voorbijgaande “blindheid” bij gebruik mobiel telefoon
Voorbijgaande smartphone-“blindheid” wordt gekenmerkt door een gezichtsverlies tijdens het gebruik van een smartphone (mobiele device zoals een mobiele telefoon of tablet). Dit eenzijdige gezichtsverlies treedt acuut op, zonder pijn en is tijdelijk van aard.
Het wordt veroorzaakt doordat een mobiele telefoon (of andere device) gebruikt wordt in een zijligging, bij weinig omgevingslicht (donkere omgeving). Hierbij wordt het onderste oog afgedekt, bijvoorbeeld door een kussen, terwijl het andere oog wordt blootgesteld aan het heldere scherm van de telefoon. Het ene oog is gewend aan het donker, terwijl het andere oog zich aanpast aan het felle licht van de telefoon. Op het moment dat men de telefoon weglegt, ziet men niets met het oog waarmee kort daarvoor nog naar telefoon werd gekeken.

Hypothese
Het netvlies bevat kegeltjes en staafjes, de fotoreceptoren genoemd. In lichtomstandigheden worden deze fotoreceptoren belicht en verbleekt het fotopigment in het netvlies. In donkere omstandigheden worden de fotoreceptoren juist gevoeliger. Men denkt dat de smartphone ‘blindness’ ontstaat door een tijdelijk verschil in het verbleken van dit fotopigment. Hierdoor treedt een verschil op in lichtadaptatie tussen beide netvlies van de ogen

Als bij weinig omgevingslicht één oog functioneel wordt afgedekt, bijvoorbeeld door een kussen of beddengoed, raakt dit afgedekte oog donker-geadapteerd of donker-aangepast (de fotoreceptoren zijn dan overgevoelig geworden, hetgeen nodig is bij het kijken in het donker). Het andere oog wordt blootgesteld aan het heldere scherm van de telefoon en is dan licht-geadapteerd.

Wanneer het scherm vervolgens wordt uitgeschakeld en de persoon weer met beide ogen kijkt in een duistere omgeving, ziet het donker-geadapteerde (afgedekte) oog direct goed. Het licht-geadapteerde oog, waarmee naar de telefoon werd gekeken, heeft echter tijdelijk een verminderd zicht, omdat het netvlies deels “verbleekt” is en tijd nodig heeft om zich opnieuw aan te passen aan het donker. Daardoor kan het lijken alsof dat oog tijdelijk ‘blind’ is. Dit kan enkele seconden tot minuten duren voordat het zicht weer normaal wordt.  Het kost minuten om het ene oog aan te laten passen aan het andere oog. Bij de ene persoon duurt deze periode langer dan bij de ander. Dit “verblekingseffect” kan het gevolg zijn van tijdelijke uitputting van 11-cis-retinal, dat niet snel genoeg kan worden gerecycled. Men denkt dat dit verschijnsel ontstaat door een normale fysiologische aanpassing aan een verschil in lichtgevoeligheid tussen de twee netvliezen.

Soms melden personen dat zij met het aangedane oog alleen vage contouren van objecten zien, terwijl het andere oog normaal ziet.  Meestal treedt dit verschijnsel aan één oog op.

Oogonderzoek
De gezichtsscherpte, pupillen, oogdruk, kleurenzientesten, het netvlies en de oogzenuw zijn normaal. Er worden geen oogheelkundige afwijkingen waargenomen. Ook zijn de vitamine A-waarde normaal. In dit geval is het verhaal van de patiënt, de anamnese genoemd, van belang. Het kan helpen om dit verschijnsel te onderscheiden van andere aandoeningen (bijv. ischemische aandoeningen van het netvlies, oogzenuw en migraine).

Bij deze laatste ischemische aandoeningen kan ook een acuut, pijnloos en tijdelijk verlies optreden van het gezichtsvermogen. Gedacht wordt dan aan bijvoorbeeld trombo-embolische aandoeningen zoals amaurosis fugax (bloedpropjes in het oog die weer los kunnen schieten). Een  van deze aandoeningen is de AION: deze Niet-arteritische anterieure ischemische opticusneuropathie (zie folder AION) kan acuut, pijnloos en eenzijdig zichtverlies veroorzaken, maar daarbij blijven de klachten aanhouden en zijn niet tijdelijk.
Het is belangrijk dat de juiste diagnose wordt gesteld. Immers patiënten met trombo-embolische afwijkingen worden behandeld met bloedverdunners. Bij een onjuiste diagnose wordt de patiënt met een smartphone-blindness onterecht blootgesteld aan medicijnen die ook weer bloedingsrisico’s kunnen vergroten. Uiteindelijk benadrukt dit verschijnsel het belang van een zorgvuldige anamnese binnen de oogheelkunde en de geneeskunde in het algemeen, om onnodige behandelingen of onderzoeken te voorkómen.

Behandeling en prognose
De oorzaak is tijdelijk en de prognose is dan ook gunstig. De klachten verdwijnen na minuten.  Als men wijst op de oorzaak, is deze tijdelijke blindheid te voorkomen, namelijk door met beide ogen naar het scherm kijken. Er wordt geadviseerd om smartphonegebruik in donkere omstandigheden, bijvoorbeeld voor het slapengaan of vroeg in de ochtend voor zonsopkomst, te vermijden om herhaling te voorkomen.
Het probleem kan worden verminderd als er mobiele devices komen waarbij het blauwe licht op bepaalde momenten, bijv. ’s nachts, verminderd wordt.

 

Verhaal Piraten
Piraten droegen niet per se een ooglap omdat ze een oog kwijt waren. Een veelgenoemde verklaring is dat de ooglap hielp om snel te schakelen tussen fel zonlicht op het dek en de donkere ruimtes onder in het schip. Het menselijk oog heeft tijd nodig om zich aan te passen aan duisternis (donkeradapatatie). Door één oog afgedekt te houden met een zwarte lap bleef dat oog voortdurend gewend aan het donker. Als een piraat snel het donkere ruim in moest gaan, kon hij die lap naar het andere oog verplaatsen en direct met het reeds donker-aangepaste oog zien. Er is echter weinig direct historisch bewijs dat piraten de ooglap daadwerkelijk om deze reden gebruikten. De ooglap werd ook gedragen door zeelieden en militairen met oogletsel of om een beschadigd oog te beschermen.

Scroll naar boven